In elke familie worden waarschijnlijk woorden gebruikt die nergens anders gekend zijn, zelfs niet in het woordenboek. Familiejargon zou ik het zelfs durven noemen.

Familiejargon kan raar zijn

Ik kan me wel inbeelden wanneer een vriendje van onze zoon komt spelen, hij wel eens raar kijkt wanneer ik na het eten van chocolade zeg dat we zijn snoetendoos moeten afkuisen. Geen idee hoe het plots ontstaan is maar sinds ik mama ben, gebruik ik het woord snoetendoos voor gezichtje.

Zo zijn er wel nog wel wat vertroetelende woorden die ik plots introduceerde en die nu binnen ons huis gebruikt worden. Denk bijvoorbeeld aan het woord bloterhammetje. Niets voor in de keuken, maar wel een ander woord voor blootje (of naaktheid).

Een poezenondje is ons familiejargon voor hond, een poezeloestje is onze kat. Wanneer ons huisdier ondersteboven gaat liggen, dan ligt hij bij ons ondersteploef, klaar om op het buikje gestreeld te worden.

Door de zoon

Vaak worden woorden in het gezin net door kinderen geïntroduceerd.

Zo hebben wij lang gezegd dat we op Sotejant gingen eten, een verspreking van zoonlief. Een Sotejant is niet zomaar een restaurant, maar een restaurant in een hotel.

Sambamietjes zijn dan weer salami blokjes die als hapje bij een aperitiefje geserveerd worden. Haha, versprekingen zijn zo leuk!

Koosnaampjes

De koosnaampjes die ik gebruik, zijn ook niet alledaags om eerlijk te zijn. De woordjes die ik gebruik wisselen vaak wel eens. Ik heb ergens zo’n boekje waarin ik dat bijhield, een beetje zoals het kinderpraat boekje. Ik zou het eens moeten zoeken, maar hierbij alvast een aantal voorbeeldjes: manneman, pietje protje, snottebollepatteetje, schattepientje, …

Er zijn er hier echt nog meer van die typsiche woorden die in huis gebruikt worden, maar ik kan er nu even niet opkomen, typisch.

Ik ben eigenlijk wel benieuwd of jullie ook zo’n familiejargon met typische woorden of uitdrukkingen hebben in jullie gezin?

One Reply to “Familiejargon ten huize webkonijn”

  1. Oh ja, zo werd er door de oudste vroeger altijd gezegd “njamnjammekes” tegen een potje petit gervais. En dat blijft nu nog altijd “ik wil een njam njam” 😀 Oh, en smeerkaas wordt hier ook nog steeds koekaasje genoemd, omdat er een grote rode koe op stond en de oudste vond dat de juiste naam voor die kaasjes. 😉
    En die koosnaampjes heb ik ook gegeven aan onze jongens! En zolang ze er nog niet van klagen, blijf ik ze graag zeggen: mijn feep (is nog iets van mijn grootvader, en een Brasschaats koosnaampje dat zoveel wil zeggen als mijn lieveling) of mijn febbekakske, mijn prottescheetje, dotje protje, schattebolleke. 🙂 Blijft toch leuk hé?

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.